Ik wil stofzuigen, maar het is nog niet opgeruimd. Niet genoeg naar mijn zin. Ik wijs alles aan wat ik nog even opgeruimd wil hebben. En als ik eenmaal begonnen ben, dan ga ik ook los. ‘Ok jongens, nog even je schoenen in het schoenenrek. Ze staan allemaal nog op de mat,’ zeg ik wanneer ik de hele benedenverdieping doorgelopen ben. ‘Man, wat een zeurende moeder hebben jullie hè?!’ zeg ik lachend. Een beetje zelfspot doet het altijd goed. ‘Mam, we lijken wel tieners! Zo erg zijn wij!’ zegt Janne ook lachend. Goed voorbeeld doet goed volgen.
Misschien is dat ook het probleem. Met dat opruimen.
