Meike vond met het opruimen van haar kamer nog wat make-up. Ze twijfelt over het gebruik ervan. ‘Je kunt het ook zien als jezelf een beetje versieren. Net als met mooie kleren aan doen,’ opper ik. ‘Maar ben je dan eigenlijk wel vrij? Als je make-up op doet?’ vraagt ze zich hardop af. ‘Waarom zou je niet vrij zijn?’ vraag ik nieuwsgierig. ‘Ik bedoel, dragen alleen netjese mensen make-up?’ vraagt ze. ‘Nou, ík draag vaak ook wel een klein beetje make-up,’ probeer ik voorzichtig. Dat vindt ze een overtuigend voorbeeld. En ik blijk nu dus officieel niet onder de netjese mensen te vallen. ‘Ja jij hebt zelfs je parfum laten vallen,’ bevestigt ze dat nog even.
