Het is koud. Het lijkt wel winter. ’s Ochtends je warme bed uit. Je pyjama uit. Dan bibberend je kleren aan. Dat vond Janne blijkbaar ook vervelend. Vlak voor we naar school gaan zie ik dat ze dat slim heeft opgelost. Ze heeft haar trui gewoon óver haar pyjamashirt aangetrokken. Ik stel voor om haar pyjamashirt, lichtroze met zwarte stippen, toch te vervangen voor een gewoon shirt.
’s Middags uit school gaat ze met de verkleedkleren spelen met vriendinnen. Wanneer ze haar stretchjeans uittrekt, blijkt daar een pyjamabroek onder te zitten. Lichtroze met zwarte stippen. ‘Oja, die was ik nog vergeten!’ zegt ze lachend. ‘Ja, jij had vanmorgen alleen de bovenkant van mijn pyjama gezien mama!’ zegt ze schuldbewust.
‘Hoe past die pyjamabroek nou, een hele dag ongezien, onder die stretchjeans?’ denk ik. Ik bekijk andere mensen nu ook met een nieuwe blik. Wie zou er nog meer een pyjamabroek onder z’n jeans dragen? En wat voor een pyjamabroek dan? Bloemetjes, streepjes, ruitjes?
