Trap van de eeuw

Terwijl Nederland in de ban is van de avondklokrellen, hadden wij een plaatselijk hoogtepuntje vandaag. Meike en Janne hadden vanmiddag hun voetbalprimeur. Er was een voetbaltoernooi bij de plaatselijke voetbalclub. Er waren nog 2 andere meisjes. En verder een zee van jongetjes. Ze waren overtuigd van een finaleplaats. Helaas verloren ze. Waarschijnlijk. ‘Volgens mij waren we laatste,’ aldus Meike.

‘Maar mama, ik had de trap van de eeuw!’ roept Meike uitgelaten als ze van het veld af lopen. ‘Ik trapte zó (schop in de lucht)! De bal vloog zó (handen in de lucht)! En toen zó over de handen van de keeper!’ vertelt ze in woord en beeld. ‘Dus je hebt een doelpunt gemaakt?’ vraag ik ter verduidelijking van dit enthousiaste relaas. ‘Nee, niet één! Maar twee!’

‘En was het koud?’ vraag ik. Er waren wat regenbuien voorbij gekomen. ‘We hadden wel een paar regenbogen gezien,’ antwoordt Meike op die vraag. Waarschijnlijk voetbalt ze net zoals ze haar schoolwerk doet: veel dromen en af en toe scoren.

Op de fiets terug deelt Janne haar ervaringen. ‘Iemand zei dat ik er niks van kon. Ik voelde me gekwetst. Maar ik dacht ook, hij heeft wel gelijk.’ ‘Maar je deed het ook voor het eerst, dan is het logisch dat je het nóg niet zo goed kan,’ relativeer ik het een beetje. ‘Vond je het wel leuk?’ ‘Ja,’ zegt ze. En na een korte stilte: ‘Maar ik had geen trap van de eeuw.’

Trap van de eeuw

Plaats een reactie