Meike en Janne hadden er zin in vanmorgen. De thuisschool. Zoveel zin, dat er een heel spel omheen werd verzonnen. Schoenen aan, jas aan. En met hun tassen met schoolspullen liepen ze naar buiten. Nog geen vijf minuten later kwamen ze weer binnen. ‘Goeiemorgen juf!’ Ik was in die paar minuten getransformeerd tot juf. Ze doen hun jas en schoenen weer uit en ik zie dat ze dezelfde kleren aan hebben. ‘Ja, dit is ons schooluniform,’ verklaart Janne.
Gelukkig hadden mijn “collega’s” op afstand mijn lessen heel goed voorbereid. Meike vinkte moe, enigszins verbaasd, maar zeer voldaan alle taken af vandaag. Janne ook. Helaas al voor de lunchpauze. En iets minder moe.
‘Ik kan niet wachten tot het morgen weer school is!’ roept Meike vanavond steeds. ‘Is er morgen crea? Of dat we door de natuur wandelen en dat jij dan vertelt welke planten giftig zijn?’
Ik heb voor morgen één van die opties beloofd als verrassingsles aan het eind van de schooldag. We moeten dat thuis-school-spel zo lang mogelijk leuk houden. En tenslotte heb je meer aan het herkennen van een giftige plant, dan dat je de naam ervan foutloos kunt spellen.
