Ochtendstond helden

Het is hier, net als in veel huizen met jonge kinderen, altijd een hele onderneming om ’s ochtends de deur uit te komen op weg naar school.

Soms worden er tussen opstaan en de deur uit gaan nog hele auto’s geknutseld uit dozen. Jurken gemaakt uit vuilniszakken. Of brieven geschreven aan juf. Hoe dat kan weet ik ook niet. Ikzelf lijk namelijk altijd haast te hebben ’s ochtends.

Vanmorgen probeerde Janne in alle ochtendhectiek over een zittende Meike heen te springen. Dat lukt niet. Meike probeert vervolgens over Janne heen te springen. Dat gaat net goed. Ik zie een schoen rakelings langs een hoofd vliegen. Meike is euforisch. Janne is teleurgesteld. ‘Ik kan het niet,’ zegt ze verdrietig. ‘Maar Janne,’ zegt Meike meelevend, ‘jij kan iets anders goed.’ Er wordt even nagedacht. ‘Handtekeningen zetten! Dat zijn een soort krassen! Dat kan jíj goed, krassen!’

We hadden bijna onze jassen aan. We waren bíjna op weg naar school. Maar nu wordt toch eerst de knutselkast nog even overhoop gehaald. Er moeten handtekeningen gezet worden. Voor ik met mijn twéé helden de deur uit kan. Een springheld en een krasheld.

Iets met een goed begin is het halve werk. Ochtendstond heeft goud in de mond. En haastige spoed is zelden goed.

Ochtendstond
Ochtendstond helden

Plaats een reactie