Naast ruziemaken kunnen Meike en Janne ook diepgaande gesprekken over het leven voeren in de bakfiets. ‘God heeft jou ook gemaakt hoor Janne,’ vertelt Meike haar zusje. ‘Ja, en papa en mama ook. Ik weet hoe dat gaat. De zaadjes zwemmen naar het eitje. Ze doen een wedstrijd. En wie het eerste bij het eitje is, die wordt de oudste. Dat was ik. En ik blijf altijd de oudste, dus je kunt me nooit meer inhalen Janne,’ zegt Meike tevreden.
Janne is teleurgesteld. Meike vindt het ook wel een beetje zielig. ‘Maar de kleinste zijn is ook heel leuk hoor Janne. Jij kunt dan bijvoorbeeld in hele kleine tunnels waar ik niet in pas.’ Daar denkt Janne even over na. Er verschijnt een grote glimlach. ‘Ja, jij kan in de grote tunnel en ik ook. En ik kan in de kleine tunnel, maar jij niet,’ zegt ook Janne tevreden.
Visie voor de tunnel, maar geen tunnelvisie.
