Vlak voor de herfstvakantie wordt Janne vier. Dan mag ze naar school. Tot die tijd moeten we het nog even samen uit zien te houden. Dat gaat niet altijd even gemakkelijk. Maar knutselen helpt.
Natuurlijk zijn mijn knutselspullen veel interessanter. En daarom heb ik heel strategisch ook wat knutselspullen in mijn werkkamer waar Meike en Janne af en toe mee mogen spelen.
Janne neust nieuwsgierig door een bakje met wat plaatjes en stickers. Er zit ook een klein blauw doorzichtig plastic decoratieknijpertje tussen. ‘Mama, mag ik die hebben?’ vraagt ze vol verwachting. ‘Jahoor,’ zeg ik achteloos. ‘Wauw, echtwaar?!’ vraagt ze enthousiast. ‘Hoef jij die niet meer dan?’ ‘Nee, die heb ik niet meer nodig, die mag je hebben,’ zeg ik gul.
Ze kijkt me helemaal gelukkig aan. ‘Ik vind jou echt…’ Ze denkt even na. Ik wacht vol spanning af. Wat vind ze nu echt van me? We houden allebei onze adem in. ‘…een èchte mama!’ zucht ze dan tevreden.
Mijn wenkbrauwen schieten omhoog. Ze ziet mijn vraag. ‘Je was elke dag een nèppe mama, maar nu vind ik je een échte mama. Je hebt zo lief gedaan!’ verklaart ze.
Nog vijfendertig dagen tot ze vier is. Met vijfendertig doorzichtig plastic decoratieknijpertjes red ik het misschien nog als èchte mama.
