Oma

We zitten te ontbijten. Meike zit stukjes brood aan een onzichtbaar wezen te voeren. ‘Wie krijgt er van die lekkere broodjes?’ vraag ik nieuwsgierig. ‘Oh, euh, niemand,’ zegt ze enigszins betrapt. ‘Dit is Annabella, mijn hond,’ verklaart ze dan toch maar.

Als we straks weer in Nederland wonen wil de rest van het gezin een hond. Ik ben bijna om. ‘Haha, loop je straks met een stoere hond, moet je “Annabella” roepen,’ grap ik tegen Jacob. Dat lijkt hem ook niet wat. ‘Jongens, als we een hond krijgen kies ík de naam,’ zegt Jacob snel. Dat lijkt Janne ook wel wat. ‘Als ik mijn hond heb kies ik Sara,’ zegt ze. ‘En als het een jongen is,’ vraagt Meike slim, ‘wat kies je dan?’ ‘Oma,’ zegt Janne.

‘Oóóma! Waar ben je? Kom eens hier!’ Ook leuk als je door het bos loopt.

dav

Plaats een reactie