Janne eet de kaas van haar brood. Vervolgens wil ze aan haar gekookte eitje beginnen. ‘Nee Janne, eerst je boterham opeten,’ zeg ik. ‘Ja, we kunnen niet al jou brood als kippenvoer gebruiken,’ staat Jacob me bij. ‘Kippenvoer?’ vraagt Meike, die wakker wordt bij het horen van dierenaangelegenheden. ‘We hebben toch geen kippenvoer?’ vraagt ze door. ‘We hebben wel paardenvoer,’ zegt Jacob. Meike kijkt Jacob met grote ogen aan. ‘Echt?’ vraagt ze vol ongeloof. Jacob loopt naar de keuken en strooit wat droge havermout op hun bord. Dat wordt er door Meike en Janne met veel smaak van afgelikt. Dat wordt voortaan geen uitgebreid ontbijtje meer op zondag. Droge havermout doet het prima. Er werd wel verdacht veel gehinnikt vandaag.
