Na het eten is Meike nog even met Aggie aan het spelen. ‘Jij bent de ridder en ik de prinses!’ schreeuwt ze. ‘De ridder verslaat de dino! Jij bent de ridder! Jij moet me redden!’ Aggie verstaat er denk ik niet veel van. Maar dit is wel urgent. Actie vereist. ‘Wháááh! D’r zijn hier enge draken! Help!’ Meike rent de kamer rond. Ziet een speelgoed hengeltje liggen. ‘Ha, een hengel! Een zwaard bedoel ik! Hier, voor jou! Help! D’r zijn hier enge draken! En dan ga jij de draken doodmaken!’ Het is even stil. Dan hoor ik haar tevreden schreeuwen. ‘Goed gedaan!’
Meike blijft maar door kletsen. Schreeuwen eigenlijk. Dat krijg je als je naar de basisschool gaat. Misschien dat Aggie nog wel sneller Nederlands leert, dan dat Meike Engels leert. Even later hoor ik ze samen zingen. Meike in het Nederlands. Aggie in het Engels. ‘De wielen van de bus…’ ‘go round ’n round, round ’n round, round ’n round…’ Janne fietst langs op haar loopfietsje. ‘Bye bye mama! Bye bye mama!’
