Meike (3) en haar buurmeisje (4) spelen al 3 uur heerlijk samen. Zonder ruzie te maken. “Mag ik daar ook mee spelen?” “Je mag met alles spelen. Alles van de hele wereld.” De ene wilde liever een bakje druiven. De ander wilde liever een bakje komkommer. Geen probleem. Ze respecteerden elkaars keuze.
Toen kwam er een heel klein miertje de boel verstoren. Iííííííeh een mier!!! Hij werd snel de tent uit gewerkt (supermama).
“Ik hou niet van mieren.”… “Ik ook niet.”… “Mieren zijn stom.”… “Ja.”
Er viel een druif op de grond. “Die is voor de mieren.” “Ja.” “En als er een komkommer valt is die ook voor de mieren.” “Nee.” “Ja!” “Nee!” “Welles!” “Nietes!”
Gelukkig werd deze onenigheid snel in de kiem gesmoord. Er kwam een plasje aan. Gered.
